Kunststofvloeren zijn niet meer wat ze twintig jaar geleden waren. Wie denkt aan een goedkoop vinyl tapijt uit de jaren negentig, heeft een sterk verouderd beeld. De hedendaagse kunststofvloer is een technisch product met specifieke eigenschappen die hem voor een groot aantal situaties geschikt maken. Maar er zijn ook situaties waarin je beter een andere keuze maakt.
Wat valt er eigenlijk onder de noemer kunststofvloer?
De term ‘kunststofvloer’ is een verzamelnaam voor uiteenlopende vloertypes. De bekendste zijn de gietvloer, de epoxyvloer en de mortelvloer. Een gietvloer wordt vloeibaar aangebracht en hardt vervolgens uit tot een volledig naadloos oppervlak. Een epoxyvloer werkt op basis van een tweecomponentensysteem dat chemisch bindt met de ondergrond. De mortelvloer wordt op cementbasis aangebracht en is bijzonder geschikt voor zwaardere belasting.
Daarnaast zijn er coatingsystemen en instrooisystemen, waarbij gekleurde korreltjes of chips in een natte laag worden gestrooid voor extra grip en uitstraling. Elk type heeft zijn eigen eigenschappen als het gaat om hardheid, warmtegeleiding, chemische bestendigheid en uiterlijk.
Waarom kiezen mensen voor deze vloersoort?
De belangrijkste praktische voordelen zijn onderhoud en duurzaamheid. Een naadloze kunststofvloer heeft geen kieren waar vuil of vocht in trekt. Reinigen gaat snel: een dweil is meestal voldoende. Dat maakt dit type vloer populair in garages, bijkeukens, wasruimtes en werkplaatsen, maar ook in woonkeukens of open woonruimtes met een betonlookesthetiek.
Goede kunststofvloeren zijn bovendien slijtvast. Ze zijn bestand tegen oliën, chemicaliën en schoonmaakmiddelen die een houten of laminaatvloer snel zouden aantasten. Wie regelmatig kookt, dieren heeft of veel loopt, merkt dat een harde, naadloze vloer jarenlang meegaat zonder merkbare slijtage.
Veelgemaakte fouten bij de aankoop
De grootste misser is denken dat elke kunststofvloer in elke ruimte past. Een gietvloer heeft een goede ondergrond nodig: als de bestaande vloer te vochtig is of te veel beweegt, ontstaan scheuren. Dat is geen materiaalfout maar een voorbereidingsfout.
Een tweede valkuil is kiezen op prijs zonder te letten op de dikte van de toplaag. Een dunne coating van 1 mm gedraagt zich heel anders dan een gietvloer van 4 mm of meer. De eerste is kwetsbaar bij puntbelasting; de tweede kan meubels, zware apparatuur of zelfs auto’s dragen.
Wat beïnvloedt de uiteindelijke keuze?
Drie vragen zijn bepalend:
- Welke belasting moet de vloer aankunnen (loopverkeer, voertuigen, chemicaliën)?
- Wat is de staat van de huidige ondergrond?
- Welk uiterlijk past bij de ruimte?
Op basis van die antwoorden wordt duidelijk welk type het meest geschikt is. Een showroombezoek of een gesprek met een specialist geeft meer houvast dan een keuze op basis van foto’s alleen.
